reacties (0)


Afgelopen zondag hield de Onderwaterhockey federatie in Antwerpen haar eerste competitiewedstrijd van 2010. Deze sport draait om snelheid, techniek en een lange adem. En... het speelt zich af op de bodem van een zwembad.

De sport ontstond in 1956 in Engeland. In de jaren ’60 kwam ze voor het eerst naar België. Nu is de discipline uitgegroeid tot een volwaardige sport.

Een ploeg bestaat uit zes spelers en vier wissels. Iedere speler draagt zwemvliezen, een handschoen, een masker en een snorkel. Ze zijn ook uitgerust met een korte stick van ongeveer 30 centimeter om een anderhalve kilo zware puck over de bodem van het zwembad te jagen. Het reglement zegt dat het veld tussen de 21 en 25 meter lang, 12 à 15 meter breed en tussen 2 en 3,6 meter diep moet zijn. Het doel is een soort metalen goot van 3 meter lang. Het is de bedoeling om de puck zo vaak mogelijk in het doel van de tegenstander te spelen. Er zijn geen doelmannen en de spelers mogen de puck enkel raken met de stick.

Wezenberg

In het zwembad Wezenberg in Antwerpen traint de ploeg van trainer Wim De Craene twee keer per week. "We spelen al vijf jaar. We zijn begonnen met hockey als alternatief voor onze conditietraining en nu doen we dat fulltime," vertelt Wim. De spelers dragen een snorkel, luchtflessen hebben ze niet. "Als je adem moet halen, ga je naar boven. Je zwemt rond in crawl, kijkt waar je nodig bent en duikt dan zo snel mogelijk terug naar beneden."

Zware sport

Onderwaterhockey is een zeer zware sport. Er is veel lichamelijk contact. Drie scheidsrechters moeten alles in goede banen leiden. "Twee scheidsrechters zwemmen in het bad en de derde staat aan de kant. Als één van de scheidsrechters een fout ziet, geeft die een teken en fluit de hoofdscheidsrechter langs de kant. Dat fluitsignaal kan je ook onder water horen. De scheidsrechter legt het spel stil en dan volgt een penalty of 'vrije puck", legt Wim uit.

Supporters mogen mee in het zwembad als ze dat willen. "Ze zetten dan een brilletje op en zwemmen gewoon langs het terrein." Diegene die niet mee in het water willen, kunnen langs de kant blijven staan.

Belgische competitie

In Nieuw-Zeeland is onderwaterhockey zeer populair. Meer dan 9000 mensen beoefenen daar de sport. In ons land zijn er slechts 150 onderwaterhockeyers. Er is wel een Belgische competitie van de sport. "Vijf zondagen per jaar zijn er 12 ploegen die tegen elkaar spelen. De eerste vier zondagen worden er heen- en terugwedstrijden gespeeld. De laatste zondag van de competitie is bestemd voor de finale. De winnaar mag zich kampioen van België noemen," besluit Wim.

© 2010 – StampMedia – Laure Van Gestel


Reacties

Plaats een reactie