© Jérémy Lebedoff

Jakob Cleymans, een negentienjarige filosofiestudent uit Antwerpen, is een van de drijvende krachten achter Coop Centraal. Samen met een aantal andere voormalige klimaatspijbelaars richtte hij de coöperatieve voedingswinkel op, geïnspireerd door de vele voorgangers in Parijs en Madrid. Zowel voor als achter de schermen bouwt Cleymans mee aan de supermarkt in de Patriottenstraat in Berchem.

© Jérémy Lebedoff

Een coöperatieve supermarkt, wat is dat precies?

Jakob Cleymans: “In een coöperatieve supermarkt is iedere klant in principe mede-eigenaar. Hij mag deelnemen aan de tweemaandelijkse algemene vergadering, waar gestemd wordt over alle voorstellen en beslissingen die te maken hebben met de supermarkt. We werken ook participatief: de klanten helpen elk drie uur per maand mee in of rondom de winkel. Die combinatie zorgt ervoor dat we onze producten goedkoop kunnen aanbieden. We keren geen winsten uit aan de aandeelhouders en dankzij de participatie van onze klanten houden we de loonkosten laag.”

“Coop Centraal heeft echter ook vaste vrijwilligers, die het overzicht bewaren of dagelijks in de supermarkt werken. Een groep achter de schermen stelt de planning op voor de algemene vergadering. Daarvoor baseren ze zich op voorstellen van de klanten. Tijdens de algemene vergadering stemmen de leden dan over ieder voorstel. We hebben ook een ‘transparantie’-groep, die de hele organisatie in het oog houdt. Die moet ervoor zorgen dat alle processen correct verlopen.”

Hoe verhoudt dit initiatief zich tot jullie gezamenlijke achtergrond: Fridays for Future, de organisatie achter de klimaatmarsen?

“De klimaatcrisis is onder andere het gevolg van de wereldwijde focus op winstmaximalisatie. Democratische, coöperatieve modellen van alle soorten kunnen voor ecologischere ondernemingen zorgen. Studies van de KU Leuven wijzen uit dat coöperaties in de meeste gevallen beter scoren qua duurzaamheid dan traditionele bedrijfsstructuren, door hun kapitaalstructuur, doelstelling en bestuursvorm. Coöperaties investeren ook meer in duurzaamheid dan bedrijven met een familie of investeerder als eigenaar.”

“We merken dat de ecologische transitie een wens is van een bepaald deel van de bevolking, maar dat niet iedereen de middelen heeft om daaraan bij te dragen. Coop Centraal is een antwoord op de vraag: wat kan ik doen voor het klimaat? Niet enkel door de producten die je aankoopt, maar ook door de manier waarop je aankoopt.”

Fridays for Future ziet een dergelijke aanpak in alle sectoren als een duurzaam alternatief voor het huidige winstgerichte systeem. Vooral de voedingssector heeft een gigantische impact op het klimaat, daarom kozen we ervoor om een supermarkt op te starten.”

“Coöperaties investeren meer in duurzaamheid dan bedrijven met een familie of investeerder als eigenaar” – Jakob Cleymans (Coop Centraal)

Kan een goed geleid winstgericht bedrijf niet even ecologisch zijn als een coöperatie?

“Winstgerichte bedrijven kunnen uiteraard zeer ecologisch zijn en hoeven dus niet per se afgeschreven te worden. Dat soort bedrijven werkt echter wel volgens een bepaalde logica: zoveel mogelijk winst maken voor de eigenaar. De crisis bij Delhaize is daar een goed voorbeeld van. Uiteindelijk draait het om winst. En je kan winst maken op ecologische manieren, dat is zeker waar, maar veel bedrijven zullen altijd de goedkoopste optie kiezen. Zelfs wanneer ze financieel gezond zijn.”

“Bij ons is dat anders, want al het geld blijft in een gesloten systeem. Het is een beetje alsof wij ecocheques krijgen, terwijl de andere bedrijven geld krijgen. Wij kunnen onze winst alleen gebruiken om dingen aan te kopen voor de winkel, terwijl andere bedrijven hun aandeelhouders verrijken.”

© Jérémy Lebedoff

“Wij zouden ook dividenden kunnen uitkeren, maar dat is niet meteen het plan. Zelfs als we dat zouden doen, dan zou de winst verdeeld moeten worden onder al onze klanten, want iedereen is mede-eigenaar. Daardoor is de kans zeer klein dat de meerderheid van onze eigenaars een zeer laag dividend zou verkiezen boven een ecologische investering in de supermarkt.”

Welke concrete ecologische plannen hebben jullie al?

“Onze leden beslissen mee over welke producten we in de winkel verkopen. Daardoor zijn de ecologische producten bij ons  goedkoper dan in de vaak duurdere biologische supermarkten. We zijn ook van plan voedsel dat nog eetbaar is, maar niet meer verkocht mag worden, dagelijks uit te delen aan sociale organisaties in de buurt.”

“En op lange termijn willen we met onze winsten experten inhuren die onze gehele werking stap voor stap duurzamer zullen maken. Wat die verbeteringen dan juist zullen zijn, kunnen we op dit moment nog niet zeggen. Verder willen we ook een inspiratie zijn voor andere klimaatbewuste ondernemers. Zowel in de voedingssector als daarbuiten. Ons model kan overgenomen worden en op die manier duurzamere bedrijven voortbrengen.”

"Iedereen heeft eten nodig. Daarom zou de supermarkt dé sociale ontmoetingsplek bij uitstek kunnen zijn” - Jakob Cleymans (Coop Centraal)

Wat denk je dat Coop Centraal kan betekenen voor de buurtbewoners?

“Heel veel. Kijk maar eens rond in de supermarkt. Als er een plek is waar iedereen komt, dan is het daar. Iedereen heeft eten nodig. Daarom zou het dé sociale ontmoetingsplek bij uitstek kunnen zijn. De ervaringen van andere coöperatieve supermarkten leren dat hun leden in contact komen met een heel ander type mensen dan ze normaal gezien tegenkomen. Het is door een gezamenlijk project te creëren dat je sociale banden vormt. Bovendien hebben we aandacht voor de belangen van de mensen die bij ons winkelen en dat zijn meestal mensen uit de buurt. We doen wat zij graag gerealiseerd zouden zien, maar waar ze zelf geen geld of tijd voor hebben.”

Buitenlandse voorbeelden

Het grote voorbeeld van Coop Centraal, en van vele andere coöperatieve supermarkten, is Park Slope Food Coop in Brooklyn, New York. Daar beslissen de 17.000 leden mee over het reilen en zeilen van hun voedingswinkel, die al sinds 1973 bestaat. Net als in Antwerpen helpt in New York ook iedere klant een aantal uur per maand mee in of rondom de winkel.

Doorheen de jaren is Park Slope steeds bewust omgegaan met zijn producten. Zo bood de supermarkt  tijdens het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime (1948-1990, red.) geen Zuid-Afrikaanse etenswaren aan en recycleert de coöperatie sinds 2008 zelf haar afval.

De Amsterdamse coöperatieve supermarkt Odin werkt volgens een iets ander model: hier kunnen zowel leden als niet-leden winkelen. Leden betalen 16 euro lidgeld per maand en krijgen dan een exclusieve korting op alle producten.

In Antwerpen willen de klimaatspijbelaars met Coop Centraal een soortgelijk project opstarten. De supermarkt vormt een concrete invulling van hun ongerustheid over het klimaat. Dankzij de collectieve, democratische besluitvorming verwachten ze ecologischere keuzes binnen de structuur van het bedrijf. Op die manier nemen de jongeren het heft in eigen handen en wachten ze niet op politieke veranderingen van bovenaf. Voor Jakob Cleymans is Coop Centraal als het Amerikaanse parlement: “De supermarkt van de mensen, voor de mensen en door de mensen.”


Dit artikel werd gepubliceerd door Apen op 07/11/2023.

vorige volgende