reacties (0)

Na Brugge, Leuven en Kortrijk verovert het collectief De Invasie nu ook Gent. In het weekend van 31 maart en 1 april stellen 70 designers mode, juwelen, accessoires, interieur, fotografie en zelfs cultureel verantwoorde koffie en jam ten toon en te koop op een gratis evenement in de Bijloke.

Yves Robot (Drieghe), één van de drijvende krachten achter het project, getuigt hoe De Invasie een verschil probeert te maken in een creatief landschap waarin kansen zeldzaam zijn en de concurrentie moordend. De vrees overrompeld te worden door een zelfingenomen ambassadeur van alles wat hip en arty is, bleek ongegrond. In hun kantoor langs Dok Noord, momenteel nog een ruïne van de oude Gentse industriehaven, staan gewoon Ikeastoelen. Ook designers lusten gezelligheid.

Hoe is De Invasie ontstaan?
Yves Robot: "Als beginnend graficus had ik het moeilijk professioneel mijn plaats te vinden. De alomtegenwoordige huisvlijtstijl lag me niet en de rest was te hoog gegrepen. Veel collega’s worstelden met dezelfde vraag: waarom bestaat er geen alternatief platform waarop jonge ontwerpers zich kunnen ontwikkelen? Geleidelijk groeide het idee om samen te werken, veel kleintjes maken immers een groot leger sterk. Positieve echo’s in de pers zorgden voor het extra duwtje in de rug. Nu zet De Invasie evenementen op, treedt op als bemiddelaar tussen ontwerpers en de bedrijfswereld, biedt strijders expo- en denkruimte en organiseert workshops."

'Strijders', 'invasie', 'leger'… waarom dat agressieve jargon?
Creatieve ideeën zijn er in overvloed, maar jonge ontwerpers missen vaak het zakelijke instinct. De opkomst van het internet, het overschot aan ontwerpers en de prijskeldering als gevolg van de crisis hebben bovendien een aardverschuiving teweeggebracht. We willen laten zien dat er ondanks de crisis toch nog wat borrelt. Het hele idee achter die strijdbare termen is dat de ontwerpers zich trots voelen. Goedbedoelde hobbybeurzen voor 'huis-en-tuin-crea-beas' zijn er genoeg. De Invasie mikt anderzijds wel op een breed publiek. Het hoeft daarom niet plat commercieel te worden, maar het publiek moet wel aangesproken blijven. Een kunstenaar die op een voetstuk staat, verliest het contact met potentiële klanten.

Een soort 'cultuurentertainment'. Krijgt De Invasie nooit kritiek van cultuurpessimisten?
In het begin werden we wel eens smalend een ‘platform voor huisvlijt’ genoemd. De bezoekers en de pers hebben dat negatieve commentaar gekanteld. Ik merk bovendien dat de kunstensector almaar meer de waarde inziet van creatieve economie. Kunstencentrum BUDA in Brugge of Vooruit in Gent zijn mooie voorbeelden. Voor jonge ontwerpers is dat een goede zaak. Zij hebben budget nodig om door te gaan met nieuwe ideeën. Het was voor De Invasie een belangrijke doelstelling om de juiste markt te vinden die een goede verkoop garandeert.

Zoek je bij de selectie van ontwerpen naar het 'gat in de markt'?
Onze focus ligt op de ontwerper, niet op de markt. Om hen te helpen leggen we de lat zo hoog mogelijk. Tijdens de audities zorgt een externe jury voor de neutrale blik. De Invasie is geen vriendenclubje. We moeten kritisch blijven anders wordt het te vrijblijvend. Als intern jurylid let ik vooral op een goede communicatie. Er moet ook een persoonlijkheid achter zitten. Identiteit wordt almaar belangrijker, vooral in de culturele sector. Onze bezoekers willen ook de mens achter het product leren kennen.

Volgens trendwatchers hebben mensen genoeg van de eenheidsworst van H&M en Ikea. Hoe spelen jullie daarop in?
We stimuleren onze ontwerpers om hun grenzen te verleggen en op zoek te gaan naar zichzelf. Zo steunen we experimenten die de grens tussen ambacht en grootschalige productie aftasten. Anderzijds proberen we strijders ook de competenties bij te brengen om hun verhaal beter te verkopen. Met Flanders District of Creativity organiseren we bootcamps, workshops die onze strijders helpen meer ondernemend te worden. Ontwerpen is namelijk echt een micro-economie geworden. Alles moet goed zitten. Ontwerpers die zich een pr-bureau onder de arm kunnen nemen, zitten in een luxepositie. Vooral jonge ontwerpers staan er alleen voor.

Dit weekend verenigen 70 jonge ontwerpers uit België en Nederland zich in een strijd om Gent. Waar maakt een collectief het verschil?
Samenwerken heeft voor iedereen voordelen. Waar we vroeger alles zelf deden, betrekken we de ontwerpers nu meer bij het proces achter de schermen. Zo zijn ze zelf verantwoordelijk voor het slagen van het evenement. Dat schept duidelijke verwachtingen en vermijdt teleurstellingen achteraf. Het is voor ons ook belangrijk dat we bij een evenement kunnen samenwerken met de gastorganisatie. Wat dat betreft zijn we bij De Invasie van Gent met ons gat in de boter gevallen. Het KASK neemt de volledige organisatie ter plaatse op zich. Dat is leuk voor ons, maar voor het KASK is dat ook dankbare reclame. Voor studenten uit het kunstonderwijs is de stap tussen school en het echte leven soms groot. De Invasie geeft hen de kans om eens te proeven van de toekomstmogelijkheden.

Botsen de belangen van het collectief soms niet met de trots van ambitieuze strijders?
Samenwerking kan inderdaad confronterend zijn, maar concurrentie kan ook motiverend werken. Niemand hoeft natuurlijk al zijn geheimen bloot te leggen, maar anderen helpen met tips of contacten is maar een kleine moeite. Later krijg je daar ongetwijfeld een return voor. Strijders werken bovendien almaar intenser samen. Zo zijn er tijdens De Invasie twee nieuwe collectiefjes opgestart. De Nederlandse graficus Margot Slingerland en het Belgische kindermodelabel Little Miss Y leerden elkaar bijvoorbeeld kennen op De Invasie van Leuven en gaan nu samenwerken. Interactie tussen ontwerpers is echt de rode draad. Ik ben benieuwd of dat ook goed onthaald wordt.

Wat maakt De Invasie van Gent anders?
Gent gonst van creativiteit. Je onderscheiden is niet eenvoudig. Een grotere stad vraagt ook een grotere campagne. Met de stadsguerrilla gaan we dit keer veel verder. Al een week worden Gentenaars overspoeld met foto’s van bekende Gentse koppen als stadscomponiste An Pierlé, schepen van Cultuur Mathias De Clercq, Gorki-icoon Luc De Vos en journalist Ben Van Alboom. Fotograaf Jan Cnudde heeft trouwens een uniek verhaal. Als autodidact zonder enige opleiding slaagt hij erin de ziel van zijn portretten bloot te leggen. Mijn favoriet is die van burgemeester Daniël Termont. Niet alleen zijn karakterkop, maar ook het feit dat hij geen link heeft met design is echt een teaser. Gentenaars zijn bovendien onvoorspelbaar. Als voorsmaakje kan je sinds 16 maart een parcours volgen langs winkeletalages die door strijders zijn gehackt. Wie had ooit kunnen denken dat mensen ook echt met een plannetje in de hand het parcours zouden volgen? Er is nog veel meer, ik wil de pret niet bederven.

Jullie leger heeft al enkele Vlaamse steden bezet, wanneer mogen we een invasie van Tokyo verwachten?
(lacht) Niet meteen, maar de toekomst heeft vast exotische avonturen in petto. Af en toe worden we getipt door buitenlandse ontwerpers, maar de vraag is nog te kleinschalig. Als het er ooit van komt, lijkt het mij boeiend om samen te werken met lokale partners die zich ook het lot van jonge ontwerpers aantrekken. Hoe dan ook, we stappen alleen in een internationaal verhaal als dat het beste is voor de strijders. Intussen blijven we de mogelijkheden aftasten om ontwerpers meer ondersteuning te bieden. Momenteel spelen we met de gedachte om onze bootcamps uit te breiden. Tegen eind 2012 willen we meer intensieve, langdurige workshops organiseren voor kleine groepen.

Op kamp met De Invasie? Welke survivaltips kan je (toekomstige) strijders in afwachting nog meegeven?
De beste manier om het als ontwerper te maken is er volledig voor gaan maar toch doordacht keuzes maken. Soms iets niet doen is al even belangrijk. Als je echt groot wil worden, moet je hoog mikken. Het is de kunst om meteen recht op je doel af te gaan. En vooral durven. Durven samenwerken, durven vragen, durven experimenteren en netwerken. Er is genoeg te doen ondanks de crisis, als je maar lef en initiatief toont.

Je kan De Invasie gratis bezoeken op zaterdag 31 maart (16-20u) en zondag 1 april (11-18u) in School of Arts Gent/KASK & Conservatorium, Jozef Kluyskensstraat 2, 9000 Gent (via Bijlokehof). Meer info: www.deinvasie.be.

© 2012 - StampMedia - Tess Vonck


Dit artikel werd gepubliceerd door Nieuws.be op 30/03/2012
Dit artikel werd gepubliceerd door Jongerenplaneet.be op 30/03/2012


Reacties

Plaats een reactie