(Verrekijkers) Kringwinkelen is in. Niet alleen goed voor je portefeuille, ook het milieu vaart er wel bij. Door hergebruik van producten spaar je veel grondstoffen uit. Dat had Koen Goemans goed begrepen toen hij vijftien jaar geleden met Opnieuw en Co een van de eerste kringloopwinkels in Vlaanderen begon. Sindsdien is het gegroeid tot een milieuvriendelijke en sociaal geëngageerde vzw. Met hun slogan 'Weggooien is jammer' halen ze jaarlijks tonnen herbruikbare artikelen op.

Hoe bent u op het idee gekomen om een kringloopwinkel op te richten?

Koen Goemans: Het idee komt eigenlijk uit Nederland. In Nederland bestaan de kringloopwinkels al langer dan in Vlaanderen. Midden jaren 80 ben ik met de vzw Arbeid & Milieu in Nederland op zoek gegaan naar bedrijven die mensen tewerkstellen met milieuvriendelijke activiteiten. Toen ben ik wildenthousiast geworden van het idee van een kringloopwinkel. ‘Dit moet in Vlaanderen ook kunnen’ dacht ik toen. In 1989 heb ik in Lier de allereerste kringloopwinkel in Vlaanderen mee uit de grond gestampt. Vlaanderen heeft hier enorm enthousiast op gereageerd. Elk jaar worden er meer herbruikbare goederen binnengebracht. Elk jaar worden er ook meer tweedehandsgoederen verkocht in de winkels. We zitten dus in een sector die enorm groeit.

Wat deed u voor Opnieuw en Co? Was u toen ook al sociaal geëngageerd?

Ik ben tien jaar actievoerder geweest bij een Lierse milieubeweging, vzw Evergreen. Maar ik was dat op den duur een beetje beu. Altijd maar staan roepen aan barricades, tegen kernenergie, tegen auto’s… Ik wou zelf iets positiefs opbouwen en actief bijdragen. Dat is mijn motivatie geweest om een kringloopbedrijf op te starten.

Volgens de koepel van Vlaamse Kringloopcentra kregen Vlaamse kringloopwinkels in 2010 maar liefst 3,8 miljoen klanten over de vloer. Merkt u dat mensen in tijden van crisis sneller naar tweedehandse spullen grijpen?

Dat is een verhaal dat de pers ons graag in de mond legt. Maar als je kijkt naar de cijfers, dan zie je dat we eigenlijk niet veel invloed van de crisis ondervinden. Of het nu goed of slecht gaat, wij doen het elk jaar beter. Dat zegt meer over het feit dat tweedehandsproducten steeds minder een taboe zijn. Niet alleen arme mensen gaan tegenwoordig naar de kringloopwinkel. We hebben de afgelopen jaren al enkele keren onze klanten bevraagd en we komen tot de vaststelling dat we ons niet tot één bepaalde doelgroep richten. We bereiken een heel breed publiek, van kansarmen, ecologisten tot dokters, advocaten en ook gewone koopjesjagers. Mensen raken de Ikeameubelen beu en willen in hun huis ook eens originele stukken. Ik was er heel benieuwd naar of dit een hype zou zijn. Want wat op een bepaald moment trendy is, is een paar jaar later weer oubollig. Maar de interesse in tweedehandsproducten duurt te lang om een hype te zijn. Ik denk dat tweedehandsproducten gewoon een deel zijn geworden van het dagelijkse leven.

Zijn mensen milieubewuster geworden dan vijftien jaar geleden?

Dat is de kracht van onze sector. We hebben twee grote uitgangspunten: sociale tewerkstelling en milieu. We willen mee de afvalberg verkleinen en dat slaat enorm aan bij de consumenten. Wat natuurlijk niet wegneemt dat prijs en kwaliteit ook goed moeten zitten. Als we te hoge prijzen zouden vragen voor producten met een te lage kwaliteit, zouden mensen afhaken. De voornaamste reden waarom mensen naar onze winkels komen, blijft uiteraard dat ze goede producten willen aan een scherpe prijs.

Wat maakt Opnieuw en Co anders dan andere kringloopwinkels?

Dat is ongetwijfeld onze ecologische invalshoek, toch vrij uniek in onze sector. Andere kringloopwinkels starten eerder vanuit tewerkstellingsprojecten. Mijn verleden in de milieubeweging heeft er mee voor gezorgd dat wij heel sterk bezig zijn met zorg voor het milieu. In 2003 lagen al 20 m² zonnepanelen op het dak van onze winkel in Mortsel. Toen moest de hype rond zonnepanelen in Vlaanderen nog beginnen. We nemen zo veel mogelijk milieuvriendelijke initiatieven als ons budget ons toelaat. Als kleine vzw kunnen we de kost van elk initiatief niet altijd dragen. Maar alles wat binnen onze mogelijkheden ligt, doen we. Ons drukwerk verschijnt op kringlooppapier, we gebruiken inkt op waterbasis, we recycleren en isoleren. Onze muren zijn geschilderd met natuurverf. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Op dat vlak proberen wij ons steentje bij te dragen en pionier te zijn voor de sector.

In 2010 zamelde Opnieuw en Co zo’n 1.929 ton herbruikbare goederen in, 24% meer dan in het jaar ervoor. Aan welke criteria moeten spullen voldoen om in een van jullie winkels te verschijnen?

Hier bestaat een misverstand over. Er wordt zegt dat goederen herbruikbaar moeten zijn, maar eigenlijk moeten ze herverkoopbaar zijn. We overleven voor de helft op overheidssteun. Maar de andere helft moeten we wel kunnen recupereren, anders komt ons voortbestaan in het gedrang. Als we producten in de winkel leggen waar geen opbrengst tegenover staat, dan heeft het geen zin. Om een voorbeeld te geven: een lege glazen bokaal is perfect herbruikbaar. Maar dat wil niet zeggen dat mensen allemaal hun glazen bokalen naar ons moeten brengen. (lacht) Er is niemand die dat gaat kopen. Natuurlijk mogen mensen ook geen afval komen brengen. Over het algemeen kunnen mensen echter goed inschatten wat ze naar ons kunnen brengen en wat niet. Het gebeurt zelden dat we spullen moeten weigeren.

Wat is het gekste product dat u ooit heeft binnengekregen?

Op mijn bureau heb ik een collectie valse gebitten staan. (lacht) Waarschijnlijk hebben mensen na een sterfgeval gewoon alles met ons meegegeven. Het spreekt voor zich dat we geen valse gebitten verkopen. Maar op den duur kon ik het niet laten om ze te verzamelen.

Jullie doen aan sociale tewerkstelling. Hoe gaat dat precies in zijn werk?

Wij zijn een erkende sociale werkplaats en werken met langdurig werkloze laaggeschoolden. Dit zijn mensen met enkel een diploma lager onderwijs, die minstens vijf jaar inactief zijn. De VDAB screent deze mensen en geeft ze een attest waarmee ze bij ons aan de slag kunnen. Vijftien jaar geleden waren we met zes, nu stellen we zo’n 200 mensen tewerk. Met 34 verschillende nationaliteiten kunnen we ons bedrijf ook multicultureel noemen.

Heeft u nog verdere dromen voor Opnieuw en Co?

We hebben nu winkels in Lier, Duffel en Mortsel. Maar we zouden ook graag in Nijlen een winkel openen. Dan vormen we een mooie driehoek met Lier in het midden. In een van de andere gemeenten in de buurt zouden we op termijn graag een kledingboetiek openen. We denken dat daar nog een markt openligt. Onze kleding is zeer in trek, het is ons meest verkochte product. In Mortsel willen we ook experimenteren met een eethuis in de winkel. Meubel- en fietsateliers staan ook op onze wenslijst. De dromenlade zit dus nog helemaal vol. Ik kan hier zeker nog vijftien jaar mee verder!

© 2011 - StampMedia/Verrekijkers - Stephanie Florizoone


Dit artikel werd gepubliceerd door Jongerenplaneet.be op 16/01/2012
Dit artikel werd gepubliceerd door Nieuws.be op 16/01/2012
Dit artikel werd gepubliceerd door De Wereld Morgen op 16/01/2012