© Wikipedia
reacties (0)

Op dinsdag 13 maart vond de voorronde van VERS Debat & Essay, een poëzieproject van de School der poëzie, plaats in DE Studio. Enkele scholen in Antwerpen kregen de gelegenheid om over poëzie te debatteren. Daarnaast werden er ook essays in hetzelfde thema gepresenteerd door een aantal leerlingen.

Stedelijk Lyceum Waterbaan, Stedelijk Lyceum Pestalozzi en De! Kunsthumaniora Antwerpen namen deel aan het poëzieproject van VERS. VERS is een onderdeel van School der Poëzie en probeert jongeren in zowel België als Nederland kennis te laten maken met Nederlandstalige poëzie. Voor het poëzieproject konden de leerlingen uit de derde graad een essay schrijven over de vooraf genomineerde gedichten.

De gekozen leerlingen kregen de kans om hun essays voor te brengen in de voorronde. Daarnaast voerden een aantal andere leerlingen een vurig debat over een aantal stellingen. De juryleden kozen de beste deelnemers eruit. Die mogen op 17 april 2018 deelnemen aan de finale in Amsterdam. 

Hoog niveau

De Nederlander Peter Swanborn, dichter, schrijver en journalist, is sinds dit jaar een van de juryleden. Hij vond het niveau van de debaters en de geschreven essays zeer hoog. Volgens Swanborn doen de Belgen het beter tijdens de debatten dan de Nederlanders.

“Ik vond het heel goed dat er bij de debatten aandachtig geluisterd werd en dat er echt argumenten werden gehanteerd. Er werd ook ingespeeld op wat andere hadden gezegd. Wat ik zelf bij de debatten in Nederland heel veel hoor, is dat ze meteen op elkaar ingaan en heel slecht luisteren. Dat doen jullie veel beter”, aldus Swanborn.

Uitwisseling

Ook is Swanborn voorstander van zo veel mogelijk uitwisseling tussen Nederland en België. “Nederland heeft geweldige dichters en België heeft geweldige dichters. Ik vind dat zoveel mogelijk Belgische dichters op Nederlandse podia moeten staan en andersom”, vertelt Swanborn enthousiast.

Volgens hem zijn er wel wat verschillen tussen Belgen en Nederlanders. Zo variëren beide talen enorm en is er sprake van een andere cultuur. “Daarom is het goed dat we hier allemaal kennis kunnen overdragen”, gaat de dichter verder.  

Daarnaast is Swanborn ervan overtuigd dat Belgen en Nederlanders dichter bij elkaar komen dankzij poëzie. “Misschien geldt dit niet voor alle lagen van de bevolking, maar toch voor een deel. De Belgen hebben bijvoorbeeld een poëziecentrum in Gent. Het is geweldig wat daar allemaal gebeurt. Dat hebben wij in Nederland weer niet.”

Poetry International

In Nederland zijn er dan weer andere evenementen. “Ikzelf woon in Rotterdam. Daar hebben we Poetry International, een groot internationaal festival dat ieder jaar plaatsvindt. Er komen dichters van over heel de wereld naartoe. Dan hoor je dus alle talen van Koreaans tot Zuid-Afrikaans. Dat hebben wij dan weer”, vertelt Swanborn.

Tot slot benadrukt de dichter nogmaals het belang van dialoog: “Het is heel belangrijk om naar elkaar te luisteren. Dat doen we niet meer. Mensen staan op hun vierkante meter te roepen wat ze willen, maar echt geluisterd wordt er niet. Volgens Swanborn kan poëzie daar een heel grote rol in spelen.


Dit artikel werd gepubliceerd door Apen.be op 14/03/2018

Dit artikel werd gepubliceerd door Het Nieuwsblad - online op 14/03/2018

 

vorige volgende

Reacties

Plaats een reactie