© StampMedia

In de gevangenissen van Hasselt, Lantin en Sint-Gillis loopt sinds december 2017 een pilootproject rond verslavingszorg bij gedetineerden. Psychologe Sarah Van Pelt en psychiatrisch verpleegkundige Sara Doomen maken deel uit van het team Drugs en Detentie (D&D) in de gevangenis van Hasselt. Beide vrouwen ondervinden in hun job de dagelijkse realiteit van de verslavingsproblematiek.

© Sarah Van Pelt

Sarah Van Pelt werkt als psychologe in het team Drugs en Detentie in de gevangenis van Hasselt. Ze coördineert het project op de werkvloer. Van Pelt heeft twaalf jaar ervaring als psychologe in gevangenissen. Daarvoor werkte ze aan het project “Slachtoffer in Beeld”, dat vormingen geeft aan daders over slachtofferschap. Sara Doomen werkte hiervoor als psychiatrisch verpleegkundige op de medische dienst van de gevangenis van Hasselt. Het project rond Drugs en Detentie sprak haar dermate aan dat ze zich kandidaat stelde om mee te werken.

Verslavingszorg voor mensen die in de gevangenis zitten, waarom is dat nodig? Zijn er niet al genoeg mensen buiten de gevangenismuren die hulp nodig hebben?

Van Pelt: “Drugs zijn een probleem in alle gevangenissen. Sommige gedetineerden gebruikten al voor hun opsluiting, anderen beginnen tijdens hun detentie. En wat je buiten de gevangenis vindt, vind je binnen de muren ook. De vraag is hoe je daarmee omgaat. Ex-gedetineerden hebben meer kans om het goed te doen na hun vrijlating als ze niet verslaafd zijn. Een verslaving behandelen is daarom heel belangrijk. Daarom heeft de FOD Volksgezondheid (Federale Overheidsdienst, nvdr.) dit project in het leven geroepen. Daarom lopen deze projecten nu in drie Belgische gevangenissen. De medewerkers van het project krijgen voldoende ruimte om binnen dit pilootproject te experimenteren. Het uiteindelijke doel is om de projecten in alle Belgische gevangenissen op te starten.”

"Het probleem is dat je iedereen wil helpen en dat kan niet. Aan de andere kant is het ook een manier om de resultaten te vergelijken met afdelingen waar het project niet loopt."
© Sarah Doomen

Hoe verloopt het project in de gevangenis van Hasselt, waar jullie werken?

SD: We werken op de afdeling waar de langgestraften verblijven. In totaal zitten dat ongeveer 180 van de 550 gedetineerden. Het probleem is dat je iedereen wil helpen en dat kan niet. Aan de andere kant is het ook een manier om de resultaten te vergelijken met afdelingen waar het project niet loopt.

SVP: We zijn op zoek gegaan naar methodes die mensen stimuleren, en aanzetten om initiatief te nemen. Dat doen we aan de hand van peer support: telkens opnieuw stellen we de vraag hoe we mensen elkaar kunnen laten helpen. We breken we met het klassieke beeld  van uitsluitend van één-op-één-hulpverlening. We hebben een instroomfase, een behandelingsfase en een uit-stroomfase. Tijdens de laagdrempelige instroomfase proberen we gedetineerden zoveel mogelijk te motiveren om hulp te zoeken. Tijdens de behandelfase proberen we de peer support zoveel mogelijk te benutten. We proberen telkens naar de problematiek te kijken vanuit verschillende hoeken. De uitstroomfase dient om bruggen met de buitenwereld te bouwen, zodat mensen niet in een zwart gat vallen na hun vrijlating.

"Er zijn mensen bij soms al jaren in isolement leven. We voeren heel laagdrempelige gesprekken met hen. Je zou het ‘straathoekwerk in de gevangenis’ kunnen noemen."

Hoe verloopt dat dan concreet?

SD: Tijdens de instroomfase organiseren we bijvoorbeeld één keer per week de activiteit ‘samen koken, samen eten’. We eten in groepjes van een zevental mensen en laten het allemaal wat op ons afkomen. Er zijn mensen bij soms al jaren in isolement leven. We voeren heel laagdrempelige gesprekken met hen. Je zou het ‘straathoekwerk in de gevangenis’ kunnen noemen.

SVP: Tijdens de eerste fase screenen we ook en bevragen we hen over dingen zoals huisvesting, diploma, aanrakingen met justitie, fysieke en mentale gezondheid, en druggebruik. Dankzij die screening krijgen we meer inzicht in de mensen met wie we werken, waardoor we ook een beter zicht krijgen op hoe we ze kunnen helpen. We proberen heel aanspreekbaar te zijn en aanklampend te werken, we willen laten zien dat we er zijn voor hen.  

SD: Dat aanklampen mag je trouwens heel letterlijk nemen. Het gebeurt vaak dat we aan een celdeur gaan kloppen en gedetineerden proberen te overtuigen om aan een activiteit deel te nemen.

"We willen zoveel mogelijk bruggen naar de buitenwereld bouwen. Vooral wanneer het moment van de vrijlating dichterbij komt. "

SVP: Ook in de behandelfase proberen we zoveel mogelijk met groepen te werken. Zowel bij de beklaagden als bij de langgestraften organiseren we één keer per week een groepsmoment.

SD: Daarin proberen we te achterhalen wat de noden zijn. In functie daarvan nodigen we ook regelmatig gastprekers uit. Bovendien werken we samen met vrijwilligers. Dat is niet alleen interessant, het herinnert de gedetineerden er ook aan dat ze niet in een vergeetput van de maatschappij gedumpt zijn. Dat er buiten echt nog wel mensen zijn die met hen begaan zijn. Naast het psychologische aspect is er in de behandelfase ook aandacht voor de medische kant van het verhaal. Vier keer per week is er een drugsconsult, waar bijvoorbeeld drugsvervangende stoffen zoals methadon of suboxone worden voorgeschreven. Met die methodes proberen we ook in de behandelfase het biologische, psychologische en sociale aspect zoveel mogelijk met elkaar te verbinden.

SVP: De uitstroomfase zijn we nog verder aan het uitwerken. We willen zoveel mogelijk bruggen naar de buitenwereld bouwen. Vooral wanneer het moment van de vrijlating dichterbij komt. We zorgen er dan bijvoorbeeld voor dat de professionele begeleiding na de vrijlating niet meteen stilvalt. En we proberen in te zetten op de ondersteuning van het netwerk, zodat mensen die vrijkomen een vangnet hebben.

"Wij pleiten voor zinvolle detentie. Als mensen er bij hun vrijlating slechter aan toe zijn dan toen ze de gevangenis binnenkwamen, dan moeten wij ons daar als maatschappij vragen bij durven te stellen."

Hoe is de samenwerking met de teams in de andere gevangenissen waar deze projecten lopen?

SVP: Sinds een klein half jaar zitten we geregeld samen met de teams in Lantin en Sint-Gillis. Maar eigenlijk is elke gevangenis uniek in haar werking. We bieden een op maat gemaakte aanpak, die strookt met de identiteit van de gevangenis.

SD: We werken verbindend met andere diensten, zoals de Psychosociale Dienst, de Vereniging Geestelijke Gezondheidszorg, de Centra voor Alcohol- en andere Drugproblemen.  Het kan belangrijk zijn om te weten of en bij wie iemand al in behandeling is. Hoe beter je elkaar als dienst kent, hoe beter je samen kunt bekijken hoe iemand het beste geholpen kan worden.

SVP: Bovendien proberen we ook het bewakend personeel te betrekken bij onze werking. Zij zijn onze ogen en oren op de secties. Ze hebben veel contact met de gedetineerden en kennen hen vaak heel goed. We zorgen onder andere voor opleidingen, maar ze kunnen met al hun vragen ook steeds bij ons terecht.

SVP: Wij pleiten voor zinvolle detentie. Als mensen er bij hun vrijlating slechter aan toe zijn dan toen ze de gevangenis binnenkwamen, dan moeten wij ons daar als maatschappij vragen bij durven te stellen.


Dit artikel werd gepubliceerd door De Wereld Morgen op 18/12/2019

vorige volgende